โ
Voorbeeldzinnen
โ โ Pijltjestoetsen om te navigeren ยท A om te luisteren
geven
to give
๐ Grammaticanotitie
Strong verb (e-a-o), takes 'hebben'. Often used with an indirect object (aan + object or directly with 'geven').
Voorbeeld
Ik geef mijn moeder een mooie bloem.
I give my mother a nice flower.
geven
to give
๐ Grammaticanotitie
Duplicate placeholder handled; using 'sturen' for item 002.
Voorbeeld
Ik stuur een brief naar mijn oma.
I send a letter to my grandma.
vertellen
to tell
๐ Grammaticanotitie
Weak verb, takes 'hebben'. Frequently takes an indirect object to whom something is told.
Voorbeeld
De docente vertelt de leerlingen een verhaal.
The teacher tells the students a story.
vragen
to ask
๐ Grammaticanotitie
Strong verb (a-oe-a), takes 'hebben'. Can take an indirect object for the person being asked.
Voorbeeld
Ik vraag mijn vader om hulp.
I ask my father for help.
schrijven
to write
๐ Grammaticanotitie
Strong verb (ij-ee-i), takes 'hebben'. Often used with an indirect object receiving the written message.
Voorbeeld
Zij schrijft haar vriend een brief.
She writes her friend a letter.
kopen
to buy
๐ Grammaticanotitie
Weak verb, takes 'hebben'. Can be used with an indirect object for whom something is bought.
Voorbeeld
Hij koopt zijn zoon een fiets.
He buys his son a bicycle.
geven
to hand / pass (loan)
๐ Grammaticanotitie
Using 'lenen' (to lend) for this slot as a distinct indirect object verb.
Voorbeeld
Ik leen mijn vriend wat geld.
I lend my friend some money.
geven
to show
๐ Grammaticanotitie
Using 'laten zien' or 'tonen'. Let's use 'tonen' (to show) which takes 'hebben'.
Voorbeeld
De leraar toont de studenten de foto.
The teacher shows the students the photo.
wensen
to wish
๐ Grammaticanotitie
Weak verb, takes 'hebben'. Frequently used with an indirect object for wishing someone something.
Voorbeeld
Wij wensen onze buren een fijne vakantie.
We wish our neighbors a nice vacation.
beloven
to promise
๐ Grammaticanotitie
Weak verb, takes 'hebben'. Often takes an indirect object to whom a promise is made.
Voorbeeld
Papa belooft zijn dochter een cadeau.
Daddy promises his daughter a gift.
uitleggen
to explain
๐ Grammaticanotitie
Separable weak verb ('uit + leggen'), takes 'hebben'. Explaining something to someone.
Voorbeeld
De leraar legt de studenten de regel uit.
The teacher explains the rule to the students.
aanbieden
to offer
๐ Grammaticanotitie
Separable strong verb ('aan + bieden'), takes 'hebben'. Offering something to someone.
Voorbeeld
Zij biedt haar gasten een kopje koffie aan.
She offers her guests a cup of coffee.
aanbevelen
to recommend
๐ Grammaticanotitie
Separable strong verb ('aan + bevelen'), takes 'hebben'. Recommending something to someone.
Voorbeeld
De ober bevelen de gasten het seizoenmenu aan.
The waiter recommends the seasonal menu to the guests.
toezenden
to send to / forward
๐ Grammaticanotitie
Separable weak verb ('toe + zenden'), takes 'hebben'. Sending something to someone.
Voorbeeld
Het bedrijf zendt de klant de factuur toe.
The company sends the invoice to the customer.
adviseren
to advise
๐ Grammaticanotitie
Weak verb, takes 'hebben'. Giving advice to someone.
Voorbeeld
De arts adviseert de patiรซnt meer rust.
The doctor advises the patient more rest.
gunnen
to grant / not begrudge
๐ Grammaticanotitie
Weak verb, takes 'hebben'. Frequently used with an indirect object to wish someone success or happiness.
Voorbeeld
Ik gun mijn collega dat mooie succes.
I grant my colleague that great success.
verbieden
to forbid
๐ Grammaticanotitie
Strong verb (ie-oo-o), takes 'hebben'. Forbidding something to someone.
Voorbeeld
De moeder verbiedt haar kind snoep.
The mother forbids her child candy.
toestaan
to allow / permit
๐ Grammaticanotitie
Separable strong verb ('toe + staan'), takes 'hebben'. Permitting something to someone.
Voorbeeld
De baas staat zijn werknemers extra vrije tijd toe.
The boss permits his employees extra free time.
verwijten
to reproach / blame
๐ Grammaticanotitie
Strong verb (ij-ee-e), takes 'hebben'. Blaming something on someone.
Voorbeeld
Zij verwijt haar man een fout.
She blames her husband for a mistake.
overhandigen
to hand over
๐ Grammaticanotitie
Weak verb, takes 'hebben'. Handing something directly to someone.
Voorbeeld
De directeur overhandigt de winnaar de prijs.
The director hands the prize to the winner.
Training instellen
Configureer je leersessie.