Your Dutch lesson is ready — welcome to Small Talk Café! We make learning Dutch effortless by immersing you in natural conversations. Discover everything Small Talk Café at smalltalkcafe.de, your one-stop place for all things Small Talk Café. This season, we’re exploring conversations in different locations. Laten we beginnen!
Stel je voor: je bent net geland en je hebt een auto nodig. Maar hoe vraag je dat in het Nederlands? Is het moeilijk? Geen zorgen! Na deze aflevering weet je precies hoe je een auto kunt huren en wat je kunt zeggen bij de autoverhuur. Je zult je veel zelfverzekerder voelen. Klaar om te rijden?
Ik ben net aangekomen op Schiphol. De zon schijnt! Ik heb vandaag een afspraak buiten de stad, dus ik wil graag een auto huren. Ik loop naar de balie van het autoverhuurbedrijf. Er is een vriendelijke meneer. Ik zeg: ‘Goedemiddag! Ik wil graag een auto huren.’ Hij vraagt: ‘Heeft u een reservering?’ Oeps, ik ben vergeten te reserveren. Ik antwoord: ‘Nee, ik heb geen reservering. Ik wil een kleine auto, alstublieft.’ Hij kijkt op zijn computer. ‘Oké, geen probleem,’ zegt hij. ‘Heeft u uw rijbewijs bij u?’
Let’s take a quick moment to look at some key phrases from the story.
- Aangekomen — Arrived, Ik ben net aangekomen op Schiphol.
- Huren — To rent, Ik wil graag een auto huren.
- Autoverhuurbedrijf — Car rental company, Ik loop naar de balie van het autoverhuurbedrijf.
- Reservering — Reservation, Heeft u een reservering?
- Rijbewijs — Driving license, Heeft u uw rijbewijs bij u?
- Kleine auto — Small car, Ik wil een kleine auto, alstublieft., Prima! Laten we verdergaan met ons verhaal bij de autoverhuur.
‘Ja, natuurlijk,’ zeg ik en ik geef hem mijn Nederlandse rijbewijs. Hij vraagt: ‘Voor hoeveel dagen wilt u de auto huren?’ Ik zeg: ‘Voor drie dagen, alstublieft.’ Hij typt iets op zijn toetsenbord. ‘Oké, drie dagen. De prijs is vijfennegentig euro.’ Dat is een goede prijs! ‘Is de verzekering inbegrepen?’ vraag ik. Hij knikt. ‘Ja, de basisverzekering is inbegrepen. Wilt u ook een navigatiesysteem?’ Ah, dat is handig, want ik ken de weg niet goed. In Nederland gebruiken veel mensen hun telefoon voor navigatie, maar ik wil geen data verbruiken. Ik zeg: ‘Ja, graag. En hoe betaal ik?’ Hij zegt: ‘U kunt met pin of creditcard betalen.’ Ik kies voor pin. Ik heb nu een auto! Ik ben klaar om te rijden.
Oefenen maar! Zeg deze zinnen na om je Nederlands te verbeteren.
- Ik wil graag een auto huren. — I would like to rent a car.
- Heeft u een reservering? — Do you have a reservation?
- Ik heb geen reservering. — I don't have a reservation.
- Heeft u uw rijbewijs bij u? — Do you have your driving license with you?
- Voor hoeveel dagen wilt u de auto huren? — For how many days do you want to rent the car?
- De prijs is vijfennegentig euro. — The price is ninety-five euros., Fantastisch gedaan! Je bent nu veel beter in het Nederlands.
Vandaag hebben we geleerd hoe je een auto huurt in Nederland en welke vragen je kunt stellen. Het is handig om deze woorden te kennen voor je volgende reis. Huur jij vaak een auto als je op vakantie bent, of gebruik je liever het openbaar vervoer?
Thanks for tuning in! We’ll see you next time for another exciting language adventure. Don't miss out on more Dutch learning content – subscribe and leave a review on your podcast platform to help other learners find us! For exclusive behind-the-scenes content and daily Dutch tips, follow Small Talk Café on YouTube and Instagram. And if you love what we do, check out our motivating gear at smalltalkcafe.shop!